|
Bij kinderen tussen de 1 en 3 jaar oud gaat het gehooronderzoek zo: Een van de ouders neemt het kind op schoot en neemt plaats tussen twee luidsprekerboxen. Uit die boxen kan de onderzoeker (meestal een logopediste) geluid laten komen maar kan daar ook iets bewegends laten zien. Een kind (al is het maar een jaar oud!) heeft al snel door dat er iets leuks te zien is als er een soort bliebertoontje te horen is. Horen = zien! Dus als de logopediste een piepklein geluidje laat horen uit de rechterbox en het kind draait direct het hoofd naar rechts om te kijken of daar wat leuks te zien is, dan heeft het kind dus gehoord! Een kind kan de was doen zeiden onze ouders reeds.
Bij de iets oudere kinderen (vanaf 3 jaar) heet het onderzoek spelaudiometrie. Uw kind mag iets leuks doen als het een bliebertoontje gehoord heeft. Stoute jongetjes mogen bij elke blieber op een hamertje-tik meppen, lieve kindertjes mogen bij elke blieber een vrachtblokje in de bak van een vrachtauto doen, maar hoe dan ook: de onderzoeker kan aan de reactie van uw kind afmeten of het geluid gehoord is of niet. En ja natuurlijk. Soms lukt het onderzoek voor geen meter. Geen belangstelling, onwil, dwarserigheid. Echt: alles komt voor. Daar zijn het kinderen voor. En daar zijn wij mensen voor.
|