Pagina titel: Klankkleur  
Geprint op: woensdag 8 september 2010  
Document URL:  
Print deze pagina Sluit venster

Een toon van een muziekinstrument is een complex geluid dat opgebouwd is uit een zogenaamde grondtoon met een aantal zogenaamde boventonen (ook wel harmonischen genoemd). De grondtoon heeft de laagste frequentie, de boventonen zijn veelvouden daarvan: de tweede, derde, vierde harmonischen etc. De frequentie en de relatieve sterkte van deze deeltonen bepalen de klankkleur of timbre van de muziektoon. Anders gezegd: als een gitaar en een klarinet allebei een precies even hoge toon spelen, dan weten wij toch direct dat het om twee heel verschillende instrumenten gaat. De toonhoogte die wij horen wordt bepaald door de grondtoon, maar het is het patroon van boventonen dat ons doet weten welk de gitaar is en welk de klarinet.

Het gehoor kan de deeltonen van een complex geluid onderscheiden, omdat het in staat is de frequentie en sterkte van de componenten afzonderlijk waar te nemen. Deze eigenschap wordt frequentie-analyse genoemd en is essentieel voor verstaan van spraak, luisteren naar en maken van muziek. Wanneer het gehoororgaan de verschillende trillingen net niet meer van elkaar kan onderscheiden hoort men zwevingen. Ieder gezond gehoor hoort zwevingen als de deeltonen van een complex geluid minder dan ongeveer 15% in frequentie (de zg. kritieke band) verschillen. Door lawaaibeschadiging wordt deze kritieke band steeds breder. Het wordt dus steeds moeilijker om deeltonen in een complex geluid van elkaar te onderscheiden. Daarom wordt in zo'n geval het spraakverstaan slechter en krijgt men problemen bij het stemmen en intoneren van instrumenten.